ECLI:NL:RBASS:2007:BA9729
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering werknemer tot doorbetaling loon tijdens arbeidsongeschiktheid wegens ongeschikte aangepaste arbeid
De werknemer is sinds 1974 in dienst bij de werkgever en werkte als deegmaker. Na ziekmelding in januari 2006 volgde een arbeidskundig onderzoek waaruit bleek dat de werknemer zijn oorspronkelijke werk niet meer kon verrichten, maar wel aangepaste arbeid met aanpassingen en training. De werkgever bood aangepaste werkzaamheden aan, die de werknemer op 7 juli 2006 aanvankelijk begon, maar zich diezelfde dag ziekmeldde vanwege de aard van het werk.
De werkgever stopte de loonbetaling wegens werkweigering, maar betaalde later alsnog loon over de dagen waarop werkzaamheden werden verricht die volgens de werkgever passend waren. De werknemer stelde dat de aangeboden functie in zijn totaliteit niet passend was, gesteund door een deskundigenoordeel van het UWV dat stelde dat de functie niet passend was vanwege storingen die stress veroorzaakten.
De kantonrechter oordeelde dat een functie uit een samenstel van werkzaamheden bestaat en dat als een deel daarvan niet passend is, de gehele functie niet passend is. Het achteraf splitsen van de functie in passend en niet-passend is niet juist. De werknemer had daarom een deugdelijke grond om de arbeid niet te verrichten en heeft recht op doorbetaling van loon. De loonvordering werd toegewezen, inclusief een gematigde wettelijke verhoging en vergoeding van buitengerechtelijke kosten. De werkgever werd veroordeeld tot betaling van het gevorderde bedrag met wettelijke rente en proceskosten.
Uitkomst: Werkgever wordt veroordeeld tot betaling van loon over de gehele periode van arbeidsongeschiktheid wegens ongeschikte aangepaste arbeid.