ECLI:NL:RBASS:2008:BD2142
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. van der Vinne
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen versnelde invordering en beslaglegging wegens hennepkwekerij
De zaak betreft een verzet van eiser tegen een dwangbevel en de versnelde invordering van een belastingaanslag over 2005, opgelegd naar aanleiding van de ontdekking van een hennepkwekerij op een adres waar eiser en zijn vader een vennootschap onder firma exploiteerden.
Eiser stelt dat de versnelde invordering onterecht is omdat er geen gegronde vrees voor verduistering was, hij niet strafrechtelijk is veroordeeld en de materiële verschuldigdheid van de aanslag twijfelachtig is. Tevens betwist hij het beslag op zijn Mercedes en vordert hij opheffing van het beslag en uitstel van betaling.
De rechtbank oordeelt dat de ontvanger op grond van de feiten, waaronder het ontbreken van aangifte en belastingbetaling door de v.o.f., het vluchtgedrag van eiser bij de inval en de stortingen op zijn rekeningen, terecht tot versnelde invordering is overgegaan. De materiële juistheid van de aanslag wordt marginaal getoetst en onvoldoende betwist. Het beslag is niet onrechtmatig en het beroep op het rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel faalt.
De rechtbank wijst het verzet af, verklaart het ongegrond en veroordeelt eiser in de proceskosten. Tevens wordt het vonnis uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het verzet tegen het dwangbevel en de versnelde invordering wordt ongegrond verklaard en het beslag blijft gehandhaafd.