ECLI:NL:RBASS:2010:BM2759
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M.H. Pauw
- Rechtspraak.nl
Werknemer vordert salarisbetaling en nietigheid aanhangsel arbeidsovereenkomst wegens strijd CAO
Een werknemer vordert geruime tijd na beëindiging van zijn dienstverband een verklaring voor recht dat het aanhangsel bij zijn arbeidsovereenkomst nietig is wegens strijd met de CAO, en betaling van achterstallig salaris over de gehele duur van het dienstverband van vier jaar.
De rechtbank stelt vast dat de werknemer zijn vermeende rechten heeft verwerkt door gedurende het dienstverband geen bezwaar te maken en zich te gedragen op een wijze die onverenigbaar is met het later geldend maken van die rechten. Het aanhangsel is ondertekend na de proeftijd en er is geen bewijs dat het onder druk is getekend. De werknemer was goed op de hoogte van de CAO en het 'all-in' salaris is niet strijdig met de CAO zolang hij niet tekort wordt gedaan.
Ook al zou de werknemer structureel meer uren hebben gewerkt zonder pauze, heeft hij dit niet aannemelijk gemaakt en is onvoldoende onderbouwing gegeven van de vordering. Daarnaast heeft hij nooit melding gemaakt van pauzebeperking, ook niet tijdens een steekproefonderzoek door het Sociaal Fonds Taxi.
De rechtbank oordeelt dat de vorderingen grotendeels worden afgewezen wegens rechtsverwerking en onvoldoende bewijs. Wel wordt een bedrag van € 3345,82 plus wettelijke verhoging en rente toegewezen voor een deel van de periode. De proceskosten worden gecompenseerd, en de reconventionele vordering wordt afgewezen.
Uitkomst: De werknemer krijgt gedeeltelijk achterstallig salaris toegewezen, maar zijn overige vorderingen worden afgewezen wegens rechtsverwerking en onvoldoende bewijs.