ECLI:NL:RBASS:2010:BO2776
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.J. Schoemaker
- C.P. van Gastel
- B.I. Klaassens
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs ontuchtige handelingen jegens minderjarige
De verdachte werd beschuldigd van het plegen van ontuchtige handelingen met een minderjarige tussen januari 2006 en maart 2007. De officier van justitie vorderde een taakstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf. Tijdens de terechtzitting op 16 februari 2010 werd het bewijs onderzocht.
De rechtbank oordeelde dat het bewijs niet wettig en overtuigend was. Er waren tegenstrijdigheden tussen de verklaringen van het slachtoffer en diens moeder, met name over details zoals de betrokken man en het type auto. De verdachte woonde bovendien op een andere locatie dan genoemd in de verklaringen.
Gezien deze onduidelijkheden en het ontbreken van overtuigend bewijs sprak de rechtbank de verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten. Dit vonnis werd uitgesproken op 2 maart 2010 door de meervoudige kamer van de rechtbank Assen.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.