ECLI:NL:RBASS:2010:BV1596
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - meervoudig
- H. de Wit
- C.P. van Gastel
- B.I. Klaassens
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs vervalste bankbiljetten in auto
Op 2 mei 2010 werd verdachte aangehouden na een verkeerscontrole waarbij in zijn auto vervalste bankbiljetten werden aangetroffen. Tijdens het onderzoek bleek dat verdachte een propje met vals geld had weggegooid, maar de rechtbank achtte niet bewezen dat hij ook de vervalste biljetten op de bijrijderstoel in voorraad had met het oogmerk om deze als echt uit te geven.
Verdachte ontkende het propje te hebben weggegooid en stelde dat het geld niet van hem was en dat hij niet wist hoe het in de auto terecht was gekomen. De rechtbank vond de verklaringen van de verbalisanten en de passagier betrouwbaar en concludeerde dat verdachte het propje had weggegooid, maar dat dit niet betekent dat hij ook de vervalste biljetten bezat.
De rechtbank oordeelde dat verdachte als eerste uit de auto stapte en de passagier nog op de bijrijderstoel zat, waardoor verdachte het geld niet op die stoel kon hebben gelegd. De passagier had ook verklaard niets op zijn zitplaats te hebben gezien. Hierdoor was het niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de biljetten in voorraad had met het oogmerk om ze als echt uit te geven.
De rechtbank sprak verdachte vrij van het tenlastegelegde en hechtte het bevel tot voorlopige hechtenis op. De officier van justitie had een gevangenisstraf van twee jaar geëist en verbeurdverklaring van het geld, maar deze vorderingen werden afgewezen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor bezit van vervalste bankbiljetten met het oogmerk tot uitgifte.