ECLI:NL:RBASS:2011:BP7443
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging voorlopige ondertoezichtstelling en afwijzing verlenging uithuisplaatsing minderjarigen
De rechtbank Assen heeft op 11 maart 2011 de voorlopige ondertoezichtstelling van twee minderjarigen voor een periode van drie maanden bekrachtigd. Tevens werd de machtiging tot spoed-uithuisplaatsing voor vier weken bevestigd. De Raad voor de Kinderbescherming had verzocht om verlenging van de uithuisplaatsing gedurende de ondertoezichtstelling.
De kinderrechter oordeelde dat de machtiging tot spoed-uithuisplaatsing rechtmatig was verleend, ondanks dat de minderjarige geen gelegenheid had gehad om zijn advocaat te raadplegen voorafgaand aan de plaatsing. Dit was geen schending van artikel 6 EVRM Pro omdat het niet ging om een gesloten jeugdaccommodatie en er geen sprake was van een strafrechtelijke procedure.
Ten aanzien van de verlenging van de uithuisplaatsing van de eerste minderjarige werd geoordeeld dat de situatie nog niet zodanig was dat alle andere middelen hadden gefaald, mede omdat ouders en Raad bereid waren tot overleg en samenwerking. Voor de tweede minderjarige, die langdurig niet naar school was geweest en door ouders aan hulpverlening was onttrokken, werd eveneens besloten dat verlenging van de uithuisplaatsing niet noodzakelijk was, hoewel de situatie zorgwekkend werd geacht.
De kinderrechter gaf de Raad de opdracht om de hulpverlening te intensiveren en stelde dat bij tegenwerking van de ouders verdere uithuisplaatsing niet uitgesloten was. De beschikking tot voorlopige ondertoezichtstelling werd bekrachtigd en het verzoek tot verdere uithuisplaatsing werd afgewezen.
Uitkomst: De voorlopige ondertoezichtstelling van drie maanden wordt bekrachtigd en het verzoek tot verlenging van de uithuisplaatsing wordt afgewezen.