ECLI:NL:RBASS:2011:BP8948
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheidsincident inzake aansprakelijkheid zelfstandige bij arbeidsongeval
In deze zaak staat centraal of een zelfstandige zich kan beroepen op artikel 7:658 lid 4 BW Pro tegen de partijen die aansprakelijk worden gesteld voor een arbeidsongeval. De kantonrechter stelt vast dat eiser zijn werkzaamheden niet als werknemer van TKBM B.V. verrichtte, maar als zelfstandige. De vraag is of eiser een positie innam die vergelijkbaar is met werknemers van de gedaagde partijen, waarbij vooral gekeken wordt naar de bedrijfsuitoefening en gezagsverhouding.
Gedaagde sub 1 (een besloten vennootschap) stelde dat zij het werk volledig had uitbesteed aan gedaagde sub 2 c.s. (een vennootschap onder firma) en dat er geen gezagsverhouding met eiser bestond. De kantonrechter volgt dit standpunt en wijst de vordering jegens gedaagde sub 1 af. Ten aanzien van gedaagde sub 2 c.s. is niet weersproken dat eiser werkzaamheden verrichtte die tot de normale bedrijfsuitoefening behoorden en dat er een gezagsverhouding bestond, zodat de kantonrechter zich bevoegd acht om van die vordering kennis te nemen.
De kantonrechter veroordeelt eiser in de proceskosten jegens gedaagde sub 1 en veroordeelt gedaagde sub 2 c.s. in de kosten jegens eiser. Verder wordt de zaak in verband met een incident tot oproeping in vrijwaring verwezen naar een rolzitting, en worden verdere beslissingen in de hoofdzaak aangehouden.
Uitkomst: De kantonrechter verklaart zich bevoegd jegens gedaagde sub 2 c.s. en wijst de vordering jegens gedaagde sub 1 af wegens ontbreken gezagsverhouding.