ECLI:NL:RBASS:2012:BW9107
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.J. Schoemaker
- H.H.A. Fransen
- J.M.M. van Woensel
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van betrokkenheid bij vervaardiging en voorbereiding synthetische drugs
De rechtbank Assen behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het medeplegen en het opzettelijk behulpzaam zijn bij het vervaardigen en voorbereiden van amfetamine en MDMA in de periode van augustus tot oktober 2011 te Zandberg.
De tenlastelegging omvatte zowel het vervaardigen en aanwezig hebben van synthetische drugs als het voorbereiden daarvan door het beschikbaar stellen van de locatie. De verdachte ontkende de tenlastelegging en gaf aan niet betrokken te zijn geweest bij de productie of voorbereidingshandelingen.
De rechtbank oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om de schuld van verdachte wettig en overtuigend vast te stellen. De verklaring van de dochter van verdachte werd wel betrouwbaar geacht, maar één getuigenverklaring alleen was onvoldoende om tot een veroordeling te komen. De officier van justitie en de verdediging waren het eens met de vrijspraak.
Daarnaast werd een geldbedrag van €1.500,- in bewaring gesteld omdat geen rechthebbende kon worden aangewezen, en werden andere in beslag genomen voorwerpen aan verdachte teruggegeven. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer op 26 juni 2012.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig bewijs voor betrokkenheid bij vervaardiging en voorbereiding van synthetische drugs.