ECLI:NL:RBASS:2012:BY3511
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - meervoudig
- O.J. Bosker
- M.C. Fuhler
- H. de Wit
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte en afwijzing ontnemingsvordering wegens gebrek aan bewijs
In deze strafzaak heeft het openbaar ministerie een ontnemingsvordering ingediend tegen de verdachte, met als doel het vaststellen en terugvorderen van wederrechtelijk verkregen voordeel tot een maximum van €904.721,00. De rechtbank Assen heeft de zaak behandeld in een meervoudige strafkamer waarbij zowel de officier van justitie, de verdachte als diens raadsman zijn gehoord.
Na zorgvuldige beoordeling van het bewijs heeft de rechtbank geoordeeld dat het tenlastegelegde feit waarop de ontnemingsvordering is gebaseerd niet wettig en overtuigend is bewezen. Hierdoor kon de verdachte niet worden veroordeeld voor het ten laste gelegde feit.
Als gevolg hiervan heeft de rechtbank de verdachte vrijgesproken en de ontnemingsvordering van het openbaar ministerie afgewezen. De uitspraak werd gedaan door de voorzitter en twee rechters, en uitgesproken in een openbare terechtzitting.
De zaak illustreert het belang van voldoende bewijs voor het toewijzen van ontnemingsvorderingen en bevestigt dat bij gebrek aan overtuigend bewijs vrijspraak volgt. De verdachte hoeft derhalve geen bedrag aan wederrechtelijk verkregen voordeel terug te betalen.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken en de ontnemingsvordering is afgewezen wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs.