ECLI:NL:RBBRE:2001:AB1143
Rechtbank Breda
- Kort geding
- J.P. Leijten
- Rechtspraak.nl
Opheffing conservatoir beslag wegens ontbinding koopovereenkomst door dwaling en bedrog
Eiseres en gedaagde waren in onderhandeling over de koop van een onroerende zaak waarbij overeenstemming over de prijs was bereikt. Gedaagde legde conservatoir beslag op het pand en stelde dat er een koopovereenkomst was die eiseres tot levering verplichtte. Eiseres betwistte het bestaan van een perfecte koopovereenkomst en voerde aan dat gedaagde de overeenkomst buitengerechtelijk had ontbonden wegens dwaling en bedrog.
De rechtbank stelde vast dat gedaagde op 21 februari 2001 via zijn advocaat de ontbinding van de koopovereenkomst had ingeroepen en dat deze verklaring niet ongedaan was gemaakt. Hierdoor was het recht van gedaagde om nakoming te vorderen verloren gegaan. De rechtbank vond dat de vordering tot levering daardoor ondeugdelijk was en het conservatoir beslag opgeheven moest worden.
De rechtbank veroordeelde gedaagde om binnen twee werkdagen het beslag op te heffen, onder bedreiging van een dwangsom. Tevens werd gedaagde veroordeeld in de kosten van het geding. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het conservatoir beslag wordt opgeheven omdat gedaagde de koopovereenkomst buitengerechtelijk heeft ontbonden.