ECLI:NL:RBBRE:2002:AF1381
Rechtbank Breda
- Hoger beroep
- W.E.M. Verjans
- Weenink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet tijdig zekerheid stellen WAHV
De kantonrechter van de rechtbank Breda heeft het beroep van betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard omdat betrokkene niet binnen de gestelde termijn zekerheid heeft gesteld voor de betaling van de administratieve sanctie, zoals vereist in artikel 11, derde lid, van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV).
Betrokkene stelde geen feiten of omstandigheden die een uitzondering op de niet-ontvankelijkheid konden rechtvaardigen. Het gerechtshof te Leeuwarden heeft het hoger beroep van betrokkene tegen deze beslissing behandeld en de beslissing van de kantonrechter bevestigd.
De advocaat-generaal heeft geen verweerschrift ingediend. Het arrest bevestigt dat het niet tijdig stellen van zekerheid leidt tot niet-ontvankelijkheid van het beroep, en dat dit strikt wordt toegepast zonder uitzonderingen in deze zaak.
De uitspraak benadrukt het belang van het naleven van de termijnen en verplichtingen in het kader van administratieve sancties onder de WAHV en bevestigt de rechtmatigheid van de niet-ontvankelijkheidsverklaring.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig stellen van zekerheid conform art. 11 lid 3 WAHV.