ECLI:NL:RBBRE:2003:AF2962
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebeschikking wegens onduidelijkheid over aansprakelijke partij bij verkeersovertreding
Betrokkene stelde beroep in tegen een administratieve sanctie opgelegd wegens het overschrijden van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom met een bedrijfsvoertuig. De officier van justitie had het beroep ongegrond verklaard en stelde dat de besloten vennootschap als kentekenhouder aansprakelijk was.
Betrokkene voerde aan dat hij pas vijf maanden na de overtreding de boete ontving en dat het niet meer mogelijk was vast te stellen welke vennoot de auto gebruikte. De kantonrechter constateerde dat er onduidelijkheid bestond over de aansprakelijke partij doordat de officier sprak over een besloten vennootschap, terwijl betrokkene een vennootschap onder firma noemde.
Hierdoor was onvoldoende duidelijk aan wie de overtreding werd toegerekend. De kantonrechter vernietigde daarom de beschikking en bepaalde dat de gestelde zekerheid aan betrokkene moest worden terugbetaald. Vanwege de lage sanctie was hoger beroep in beginsel uitgesloten.
Uitkomst: De boetebeschikking wordt vernietigd wegens onduidelijkheid over de aansprakelijke partij en de gestelde zekerheid wordt terugbetaald.