ECLI:NL:RBBRE:2004:AO8693
Rechtbank Breda
- Kort geding
- M.M. Steenbeek
- Rechtspraak.nl
Verbod op nachtelijke verlichting zuidzijde lichtreclame IKEA wegens hinder voor omwonenden
Eisers, bewoners van woningen nabij de locatie van de IKEA-vestiging in Breda, vorderen in kort geding een verbod op het gebruik van lichtreclame die hinder veroorzaakt in hun tuinen en woningen. De voorzieningenrechter laat een gerechtelijke plaatsopneming uitvoeren en constateert dat de verlichting van de gele letters 'IKEA' op de zuidelijke gevel weliswaar hinder veroorzaakt, maar deze hinder onder de gegeven omstandigheden niet onrechtmatig is.
De lichtreclame op de mast, met name de zuidzijde, veroorzaakt echter zodanige lichthinder in de tuinen van woningen aan de Liesboslaan 26 en 30 dat dit als onrechtmatig wordt aangemerkt. De voorzieningenrechter weegt de belangen van partijen en oordeelt dat de hinder zwaarder weegt dan het belang van gedaagden bij het onbeperkt verlicht houden van de zuidzijde van de lichtreclame.
Ondernemingsvereniging Woonboulevard Breda heeft geen bouwvergunning aangevraagd voor haar lichtreclame op de mast, maar dit leidt niet tot onrechtmatigheid jegens omwonenden omdat de overtreding niet is gericht op bescherming van omwonenden. Ook is niet vastgesteld dat een milieuvergunning vereist is. De voorzieningenrechter legt een dwangsom op voor het geval de veroordeling niet wordt nageleefd en compenseert de proceskosten.
De voorzieningenrechter wijst het gevorderde verbod op de verlichting van de gevelletters af, maar veroordeelt gedaagden om de verlichting van de zuidzijde van de lichtreclame op de mast dagelijks te doven tussen 22:00 en 7:00 uur, met een maximale dwangsom van €100.000 per gedaagde.
Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld om de verlichting van de zuidzijde van de lichtreclame tussen 22:00 en 7:00 uur te doven wegens onrechtmatige hinder.