ECLI:NL:RBBRE:2005:AT9796
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Janssen
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke geldboete wegens tewerkstelling zonder vergunning van Poolse prostitué
De rechtbank Breda heeft op 18 juli 2005 uitspraak gedaan in een zaak waarbij verdachte werd verdacht van het laten verrichten van arbeid door een vreemdeling zonder tewerkstellingsvergunning. Het ging om een Poolse prostitué die via het escortbureau van verdachte werkte.
De rechtbank oordeelde dat ondanks de toetreding van Polen tot de Europese Gemeenschap op 1 mei 2004, de toegang tot de Nederlandse arbeidsmarkt nog steeds gereguleerd werd en dat de verdachte als feitelijk werkgever moest worden aangemerkt. De verdediging stelde dat de vrouw zelfstandig ondernemer was en geen vergunning nodig had, maar dit werd verworpen omdat zij niet voldeed aan de vereisten voor zelfstandigen.
Verdachte werd schuldig bevonden aan overtreding van artikel 2 van Pro de Wet arbeid vreemdelingen en veroordeeld tot een voorwaardelijke geldboete van €900 met een proeftijd van twee jaar. De rechtbank benadrukte dat verdachte in de toekomst moet voorkomen dat hij juridisch als werkgever wordt aangemerkt.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke geldboete van €900 wegens het laten verrichten van arbeid zonder tewerkstellingsvergunning.