ECLI:NL:RBBRE:2005:AU4248
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Kooijman
- Vos
- Pick
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs schadelijkheid melkpoeder met chlooramphenicol, veroordeling voor valsheid in geschrift en onjuiste douaneaangiften
De rechtbank Breda behandelde een strafzaak tegen een bedrijf dat werd beschuldigd van het verkopen van melkpoeder met sporen van chlooramphenicol, valsheid in geschrift en het doen van onjuiste douaneaangiften. De rechtbank oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om het schadelijke karakter van de melkpoeder aan te tonen, waardoor verdachte werd vrijgesproken van die tenlastelegging.
Uit laboratoriumrapporten en deskundigenverklaringen bleek dat de concentraties chlooramphenicol in de melkpoeder niet voldoende waren om het product als schadelijk te bestempelen. Wel werd vastgesteld dat verdachte valselijk facturen had opgemaakt om BTW-problematiek te omzeilen en onjuiste douaneaangiften had gedaan, wat wettig en overtuigend bewezen werd.
De rechtbank wees het verweer van afwezigheid van alle schuld bij de douaneaangiften af, omdat onvoldoende duidelijkheid bestond over de monsters en analyses. Gezien de ernst van de valsheid in geschrift en de impact op het belastingstelsel, legde de rechtbank een geldboete van €25.000 op. Verdachte werd vrijgesproken van de tenlastelegging omtrent het schadelijke karakter van de melkpoeder.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van verkoop schadelijke melkpoeder, veroordeeld voor valsheid in geschrift en onjuiste douaneaangiften met geldboete van €25.000.