ECLI:NL:RBBRE:2006:AV0115
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Kooijman
- Rechtspraak.nl
Beslissing tot onttrekking aan het verkeer van vals horloge wegens merkinbreuk
De rechtbank Breda behandelde de vordering van de officier van justitie tot onttrekking aan het verkeer van een vals horloge, ingediend op 18 augustus 2005. Uit het onderzoek bleek dat het horloge geen origineel Rolex exemplaar was, maar dit enkele feit was onvoldoende voor onttrekking op basis van de artikelen 36c en 36d van het Wetboek van Strafrecht. De rechtbank oordeelde dat het bezit van het horloge niet als ongecontroleerd kon worden beschouwd, waardoor teruggave aan de rechthebbende in beginsel op zijn plaats was.
Echter, op grond van artikel 13 bis Pro van de Eenvormige Beneluxwet op de merken, heeft de merkhouder het recht om roerende zaken waarmee inbreuk wordt gemaakt op diens merk op te vorderen als eigendom. Rolex S.A. had verzocht het horloge niet terug te geven maar te vernietigen. De rechtbank erkende Rolex S.A. als rechthebbende en concludeerde dat de merkhouder haar rechten mocht uitoefenen.
Daarom werd de vordering van de officier van justitie tot onttrekking aan het verkeer van het vals horloge toegewezen. De beslissing werd op 19 januari 2006 uitgesproken door rechter Kooijman tijdens een openbare terechtzitting.
Uitkomst: De vordering tot onttrekking aan het verkeer van het vals horloge wordt toegewezen en het horloge wordt vernietigd.