ECLI:NL:RBBRE:2006:AY3787
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging naheffingsaanslag loonbelasting relaxhuis wegens in rechte te beschermen vertrouwen
Belanghebbende, beherend vennoot van een commanditaire vennootschap die een relaxhuis exploiteert, ontving een naheffingsaanslag loonbelasting over 2002 wegens een loondienstbetrekking van prostituees. De inspecteur had in 1997 vastgesteld dat de prostituees als ondernemers werden aangemerkt, wat door diverse bezoeken en rapporten in de jaren daarna niet werd herzien.
Pas in 2003 stelde de inspecteur op basis van een boekenonderzoek dat sprake was van een gezagsverhouding en loondienst. Belanghebbende voerde aan dat er sprake was van détournement de pouvoir en dat het eerdere standpunt van de inspecteur vertrouwen had gewekt.
De rechtbank oordeelde dat de brief van 1997 en de daaropvolgende bezoeken en rapporten het vertrouwen bevestigden dat de prostituees zelfstandigen waren. De inspecteur kon niet aannemelijk maken dat de omstandigheden zodanig waren gewijzigd dat het eerdere vertrouwen moest wijken.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard, de naheffingsaanslag en uitspraak op bezwaar vernietigd, en de inspecteur veroordeeld in de proceskosten. Tevens werd het teveel betaalde griffierecht aan belanghebbende gerestitueerd.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de naheffingsaanslag loonbelasting 2002 wegens in rechte te beschermen vertrouwen dat prostituees zelfstandigen waren tot 2003.