ECLI:NL:RBBRE:2006:AY6129
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Kooijman
- Breeman
- Kouwenhoven
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak seksueel binnendringen, veroordeling ontucht met verstandelijk gehandicapte
De rechtbank Breda behandelde een zaak waarin verdachte, groepsleider van een wooneenheid voor verstandelijk gehandicapten, werd beschuldigd van seksueel misbruik van een vrouw met het Down-syndroom die aan zijn zorg was toevertrouwd.
Hoewel verdachte ontuchtige handelingen zoals betasten van borsten, billen en kruis bekende en dit door het slachtoffer direct werd gemeld, kon het seksueel binnendringen niet wettig en overtuigend worden bewezen. Het slachtoffer sprak aanvankelijk alleen over betasten en pas later over binnendringen, zonder voldoende steunbewijs.
De rechtbank oordeelde dat het slachtoffer vanwege haar verstandelijke beperking onvoldoende weerstand kon bieden en haar wil niet duidelijk kon kenbaar maken. Verdachte maakte misbruik van haar kwetsbaarheid en afhankelijkheid, en handelde in strijd met de veiligheid van het slachtoffer in haar eigen woning.
Gezien de ernst van het feit, het directe toegeven en berouw van verdachte, werd een werkstraf van 240 uren opgelegd, met een voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van €1.500 schadevergoeding aan het slachtoffer. Verdachte werd vrijgesproken van de ernstiger tenlasteleggingen van seksueel binnendringen.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van seksueel binnendringen, veroordeeld tot werkstraf van 240 uur en voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden voor ontuchtige handelingen.