ECLI:NL:RBBRE:2006:AZ5050
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebeschikkingen wegens disproportionele omzetbelastingboetes
De rechtbank Breda behandelde het beroep van belanghebbende tegen boetebeschikkingen opgelegd door de Inspecteur wegens te late betaling van omzetbelasting over meerdere tijdvakken tussen 1998 en 2002. Tijdens de procedure overleed belanghebbende, waarna de rechtbank op verzoek van de erven de boetebeschikkingen vernietigde omdat deze nog niet onherroepelijk waren.
De rechtbank oordeelde dat de opgelegde boetes van 50% disproportioneel waren gezien het feit dat belanghebbende uiteindelijk het juiste of een hoger bedrag aan omzetbelasting had voldaan. Hierdoor was sprake van aan de inspecteur toe te rekenen onrechtmatig handelen. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraken op bezwaar en de boetebeschikkingen zelf.
Daarnaast veroordeelde de rechtbank de Inspecteur tot vergoeding van de proceskosten van € 402,50 en het griffierecht van € 138,- aan de erven van belanghebbende. De uitspraak werd op 1 december 2005 in het openbaar uitgesproken en partijen werden gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep of cassatie.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de boetebeschikkingen wegens disproportionele boetes en veroordeelt de Inspecteur in proceskosten.