ECLI:NL:RBBRE:2007:BA7295
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.F.M.Q. Beukers-van Dooren
- W. Brouwer
- W.E.M. van Nispen tot Sevenaar
- Rechtspraak.nl
Recht op heffingsrente bij ambtshalve teruggaaf omzetbelasting na herstel onjuistheid
Belanghebbende, een Duitse ondernemer die onroerende zaken in Nederland exploiteert, verzocht om ambtshalve teruggaaf van omzetbelasting over de jaren 2000 tot en met 2003. De inspecteur verleende deze teruggaaf, maar weigerde heffingsrente te vergoeden. Belanghebbende maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze weigering.
De rechtbank oordeelde dat tegen de beschikkingen omtrent heffingsrente wel bezwaar en beroep openstaan, ook al betreft het ambtshalve teruggaafbeschikkingen waartegen zelf geen bezwaar en beroep openstaan. Verder stelde de rechtbank vast dat heffingsrente niet alleen vergoed moet worden bij teruggaaf van eerder betaalde belasting, maar ook bij een herstel van onjuistheden dat leidt tot een hogere teruggaaf dan eerder op aangifte vermeld.
De inspecteur voerde aan dat heffingsrente niet verschuldigd is bij negatieve aangiften en dat de verzoeken niet-ontvankelijk waren wegens overschrijding van termijnen. De rechtbank verwierp deze stellingen, onder meer op grond van de wetsgeschiedenis, de tekst van de Algemene wet inzake Rijksbelastingen en de toepasselijke richtlijnen.
De rechtbank concludeerde dat belanghebbende recht heeft op heffingsrente over de teruggaven omzetbelasting en veroordeelde de inspecteur tot vergoeding van de rente en proceskosten. De uitspraak bevestigt het recht op heffingsrente bij ambtshalve teruggaaf na herstel van onjuistheden, ook indien eerdere teruggaaf op aangifte heeft plaatsgevonden.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de inspecteur tot vergoeding van heffingsrente over de ambtshalve verleende teruggaaf omzetbelasting en toewijst het beroep.