ECLI:NL:RBBRE:2007:BA7873
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vakantietoeslag behoort niet tot toetsloon voor afdrachtverminderingen lage lonen
In deze bestuursrechtelijke zaak stond de vraag centraal of de tweemaal per jaar uitbetaalde vakantietoeslag door de werkgever bij het toetsloon mag worden gerekend voor de afdrachtvermindering lage lonen. De inspecteur had een naheffingsaanslag loonbelasting opgelegd omdat hij de vakantietoeslag tot het toetsloon rekende, terwijl de belanghebbende dit niet deed.
De rechtbank overwoog dat de wetgever met het begrip toetsloon heeft beoogd aan te sluiten bij het reguliere maandloon en incidentele beloningen zoals vakantiegeld die in de regel eenmaal per jaar worden toegekend, uit te zonderen. Omdat de vakantietoeslag in dit geval echter tweemaal per jaar werd uitbetaald, achtte de rechtbank deze betaling niet incidenteel in de zin van de wet. Daarom behoort deze vakantietoeslag wel tot het toetsloon.
Belanghebbende voerde aan dat deze strikte toepassing leidt tot rechtsongelijkheid, maar de rechtbank oordeelde dat de ongelijke behandeling objectief gerechtvaardigd is vanwege het doel en de strekking van de wet. De boete werd vernietigd omdat het standpunt van belanghebbende pleitbaar was en er geen sprake was van grove schuld.
De rechtbank veroordeelde de inspecteur tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht. De uitspraak werd openbaar gedaan op 24 april 2007 door rechter Beukers-van Dooren.
Uitkomst: De boetebeschikking wordt vernietigd omdat het standpunt van belanghebbende pleitbaar was; de naheffingsaanslag blijft gehandhaafd.