ECLI:NL:RBBRE:2007:BB1965
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling indicatie huishoudelijke verzorging en persoonlijke verzorging AWBZ
Eiseres, woonachtig te Roosendaal, heeft beroep ingesteld tegen besluiten van de Stichting Centrum indicatiestelling zorg (CIZ) betreffende haar indicaties voor huishoudelijke en persoonlijke verzorging onder de AWBZ. Zij betwistte onder meer de motivering van het besluit en de toepassing van de boodschappendienst als voorliggende voorziening.
De rechtbank stelde vast dat de eerdere besluiten I en II onvoldoende waren gemotiveerd en vernietigde deze. Het bestreden besluit III handhaafde de indicaties voor huishoudelijke verzorging klasse 3 en persoonlijke verzorging klasse 2, waarbij de zorg voor de minderjarige dochter niet tot zwaar belastende huishoudelijke werkzaamheden werd gerekend. De rechtbank oordeelde dat dit besluit voldoende was gemotiveerd en in overeenstemming met het toepasselijke beleid en de wettelijke kaders.
Verder werd het verzoek om schadevergoeding afgewezen. De rechtbank veroordeelde de verweerder tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van eiseres. De uitspraak benadrukt dat financiële overwegingen bij de aanspraak op AWBZ-zorg in principe niet relevant zijn, maar dat uitzonderingen mogelijk zijn bij onevenredige nadelen voor belanghebbenden.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt twee besluiten wegens onvoldoende motivering en verklaart het derde besluit gegrond, wijst schadevergoeding af en veroordeelt verweerder in proceskosten.