ECLI:NL:RBBRE:2007:BB5928
Rechtbank Breda
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening inzake indicatie speciaal voortgezet onderwijs voor leerling met ernstige spraakmoeilijkheden
Verzoekster maakte bezwaar tegen het besluit van verweerder om de aanvraag voor een indicatie voor speciaal voortgezet onderwijs voor haar dochter af te wijzen. De dochter ondervindt ernstige spraak- en taalmoeilijkheden en volgt sinds januari 2007 als gastleerling speciaal voortgezet onderwijs. Verzoekster vroeg om een indicatie omdat de school het financieel niet kan dragen om haar als gastleerling te blijven ontvangen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verweerder terecht de aanvraag afwees vanwege het ontbreken van voldoende actuele en relevante gegevens, zoals een recent en specifiek op de leerling gericht logopedisch rapport. Het eerdere indicatiebesluit uit 2004 en het rapport van een deskundige uit 2007 waren onvoldoende concreet en gericht op de huidige situatie van de leerling.
Verder werd geoordeeld dat het tijdsverloop van ruim zeven maanden tussen aanvraag en besluit geen bijzondere omstandigheid vormt die een afwijking van de indicatiecriteria rechtvaardigt. De voorzieningenrechter vond geen spoedeisend belang voor het treffen van een voorlopige voorziening en wees het verzoek af. Verweerder werd opgedragen het bezwaar binnen afzienbare termijn te heroverwegen op basis van nadere gegevens.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de indicatie voor speciaal voortgezet onderwijs is afgewezen.