ECLI:NL:RBBRE:2007:BB7489
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.M. Steenbeek
- G.J.E. Poerink
- H.W.M. Pulskens
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot verschoning rechter-commissaris in loverboys-strafzaak toegewezen
In de strafzaak tegen verdachte in de zogenaamde Chocolade-zaak, waarin meerdere mede verdachten betrokken zijn, heeft de rechter-commissaris verzocht zich te mogen verschonen. Dit verzoek volgde op eerdere wrakingsverzoeken van mede verdachten die waren toegewezen door de wrakingskamer vanwege een door de rechter-commissaris gehouden getuigenverhoor waarbij procesrechtelijke bezwaren speelden.
De rechter-commissaris stelde dat het vaststellen van het proces-verbaal van het getuigenverhoor juridisch problematisch was, omdat het proces-verbaal ook antwoorden bevatte op vragen van raadslieden van mede verdachten die hem hadden gewraakt. Hierdoor was sprake van een situatie waarin de rechter-commissaris niet onpartijdig kon blijven.
De rechtbank oordeelde dat de door de rechter-commissaris aangedragen gronden voldoende waren om het verzoek tot verschoning toe te wijzen. Het zou strijdig zijn met een goede strafprocesorde om de rechter-commissaris, die zelf gemotiveerd om verschoning had verzocht, met de verdere behandeling van de zaak te belasten.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de rechter-commissaris in de strafzaak is toegewezen vanwege gegronde vrees voor vooringenomenheid.