ECLI:NL:RBBRE:2007:BK1652
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanslag verontreinigingsheffing oppervlaktewateren 2003 door rechtbank Breda
De rechtbank Breda behandelde het beroep van belanghebbende tegen de aanslag verontreinigingsheffing oppervlaktewateren 2003 opgelegd door het waterschap Brabantse Delta. Belanghebbende had een deel van de bedrijfsafvalwaterstromen niet bemeten, bemonsterd en geanalyseerd en loog deze buiten de meetput om, waardoor de vervuilingswaarde niet kon worden vastgesteld.
De inspecteur stelde dat op grond van artikel 27e, onderdeel a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen de bewijslast omgekeerd moest worden, omdat belanghebbende niet de vereiste aangifte had gedaan. De rechtbank oordeelde dat de inspecteur de aanslag op redelijke en inzichtelijke wijze had vastgesteld, gebruikmakend van de waterbalans van 2004 en afvalwatercoëfficiënten.
Belanghebbende kon niet aantonen dat de uitspraak op bezwaar onjuist was, mede omdat het overgelegde rapport van AquaSurvey betrekking had op een ander tijdvak dan 2003. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag verontreinigingsheffing 2003 wordt ongegrond verklaard en de aanslag bevestigd.