ECLI:NL:RBBRE:2008:BC5876
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.P. Leijten
- A.M.L. Cohen-Koningsveld
- H.W.M. Pulskens
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wraking meervoudige strafkamer in zedendelictzaak
In de strafzaak met parketnummer 811719-06 wordt verdachte een zedendelict ten laste gelegd, gepleegd tegen een meisje van 9 jaar. De verdenking is gebaseerd op de aangifte van het meisje en DNA-sporen gevonden op de plaats van het delict. De strafzaak is behandeld tijdens meerdere zittingen onder voorzitterschap van de betrokken strafkamer.
De verdediging heeft herhaaldelijk verzoeken ingediend om het meisje nader te horen en om onderzoek naar de door het NFI gehanteerde onderzoeksmethode. Deze verzoeken zijn steeds afgewezen, waarbij de strafkamer compensatie bood door het toestaan van het horen van verbalisanten en het bekijken van relevante opnamen. De verdediging heeft daarop het gehele strafkamer gewraakt wegens vermeende vooringenomenheid.
De rechtbank oordeelt dat rechters worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij uitzonderlijke omstandigheden dit vermoeden weerleggen. De rechtbank constateert dat de strafkamer haar afwijzingen steeds gemotiveerd heeft en dat er geen sprake is van stelselmatige afwijzing van verzoeken. De handelwijze van de strafkamer wekt geen schijn van partijdigheid.
Daarom wijst de rechtbank het wrakingsverzoek af en bepaalt dat de strafzaak wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van de schorsing vanwege het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het verzoek tot wraking van de meervoudige strafkamer wordt afgewezen.