ECLI:NL:RBBRE:2008:BC6339
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.L.L. Poeth
- Rechtspraak.nl
Redelijkheid advocatentarief en kosten bij letselschade uit arbeidsongeval
Eiser raakte tijdens zijn tewerkstelling als uitzendkracht gewond aan zijn rechterhand bij een arbeidsongeval in 2003. Na vaststelling van 10% blijvende invaliditeit werd een schadevergoeding van €20.000,-- overeengekomen met de aansprakelijkheidsverzekeraar. Eiser vordert betaling van het resterende bedrag van de advocaatkosten, die hij redelijk acht op basis van een gespecialiseerd uurtarief.
Gedaagden betwisten de redelijkheid van het gehanteerde tarief van €247,50 per uur en stellen dat het tarief niet in verhouding staat tot de complexiteit van de zaak en de uiteindelijke schadevergoeding. De kantonrechter overweegt dat de dubbele redelijkheidstoets van artikel 6:96 BW Pro centraal staat, waarbij zowel de noodzaak als de redelijkheid van de kosten worden beoordeeld.
De rechter acht het tarief van de letselschadespecialist redelijk, mede gezien de complexiteit van de zaak, de bijzondere omstandigheden zoals de jonge leeftijd van eiser en zijn verblijf in Polen, en het feit dat gedaagden een deel van de nota's reeds zonder bezwaar hebben voldaan. De totale kosten staan in redelijke verhouding tot de schadevergoeding. De vordering wordt toegewezen, met wettelijke rente en proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot betaling van het openstaande bedrag aan advocaatkosten met rente en proceskosten.