ECLI:NL:RBBRE:2008:BC9289
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Waarde bepaling winkelpand voor naheffingsaanslag overdrachtsbelasting
Belanghebbende en zijn zussen kochten op 3 januari 2005 een winkelpand voor €320.000 en betaalden daarop overdrachtsbelasting. Vijf maanden later, op 2 mei 2005, werd het pand doorverkocht voor €560.000. De rechtbank stelt vast dat het pand in deze periode niet gewijzigd is en dat de huur opgezegd was, waardoor de waarde op het moment van aankoop gelijk kan worden gesteld aan de latere verkoopprijs.
Belanghebbende voerde aan dat taxaties lagere waarden aangaven en dat de Hoge Raad in een arrest nuance aanbrengt bij het hanteren van een hoge verkoopprijs, maar de rechtbank oordeelt dat de gerealiseerde verkoopprijs de juiste waarde in het economisch verkeer weerspiegelt. Speculatieve motieven van de koper zijn volgens de rechtbank geen reden om van deze waarde af te wijken.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de naheffingsaanslag overdrachtsbelasting terecht en correct is opgelegd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag overdrachtsbelasting wordt ongegrond verklaard en de aanslag bevestigd.