ECLI:NL:RBBRE:2008:BD1043
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.F.M.Q. Beukers-van Dooren
- A.A. den Hartog
- C.A.F.M. Stassen
- Rechtspraak.nl
Niet-aftrekbaarheid omzetbelasting verbouwingskosten en vergrijpboete bij bedrijfsverzamelgebouw
Belanghebbende, een BV, kocht een bedrijfsverzamelgebouw waarvan units zowel belast als vrijgesteld werden verhuurd, onder andere aan vennootschappen van de dga die een tandartsenpraktijk exploiteren. Voor de aankoop werd met de inspecteur afgesproken dat 68,4% van de omzetbelasting in aftrek mocht worden gebracht. Na aankoop werden verbouwingen uitgevoerd aan units die vrijgesteld werden verhuurd aan de tandartsenpraktijk, waarbij belanghebbende 68,4% van de omzetbelasting van de verbouwingskosten als voorbelasting aftrok.
De rechtbank oordeelt dat deze aftrek onterecht is omdat de afspraak over aftrekbaarheid niet gold voor na de aankoop in rekening gebrachte omzetbelasting, zoals die van de verbouwing. De verbouwde units waren bestemd voor vrijgestelde verhuur, waardoor de voorbelasting niet aftrekbaar is volgens de Wet OB en de uitvoeringsbeschikking. Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.
Daarnaast is een vergrijpboete opgelegd wegens grove schuld, omdat belanghebbende, in de persoon van haar directeur, kennis had of had moeten hebben van de onmogelijkheid tot aftrek van voorbelasting bij vrijgestelde verhuur en daarmee lichtvaardig handelde. De rechtbank acht de boete van € 13.787 passend en bevestigt deze. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslag en vergrijpboete wegens onterechte aftrek van omzetbelasting.