ECLI:NL:RBBRE:2008:BD2019
Rechtbank Breda
- Voorlopige voorziening
- Van der Weide
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen leveranciers generieke geneesmiddelen tegen zorgverzekeraars over preferentiebeleid
De zaak betreft een kort geding aangespannen door de Bond van de Generieke Geneesmiddelen Industrie Nederland (BOGIN) en haar leden tegen meerdere zorgverzekeraars. Eiseressen vorderen een verbod op aanvullend gezamenlijk preferentiebeleid door zorgverzekeraars, omdat dit volgens hen in strijd zou zijn met het Transitieakkoord farmaceutische zorg 2008/2009, dat kostenbeheersing beoogt via afspraken over geneesmiddelenprijzen.
De rechtbank stelt vast dat het Transitieakkoord niet leidt tot directe contractuele gebondenheid van individuele zorgverzekeraars, omdat de statuten van de koepelorganisatie Zorgverzekeraars Nederland (ZN) geen dergelijke verbindende bepaling bevatten. Ook het beroep op onrechtmatige daad wordt verworpen, omdat de zorgverzekeraars niet onrechtmatig handelen door het aangekondigde preferentiebeleid, en er geen schending is van het vertrouwensbeginsel, wanprestatie of respectplicht.
De rechtbank volgt het arrest van het Gerechtshof Den Bosch dat gezamenlijk preferentiebeleid slechts verboden is indien het daadwerkelijk gecoördineerd wordt, en dat het voeren van hetzelfde beleid door meerdere zorgverzekeraars niet automatisch afstemming betekent. De aangekondigde individuele preferentiebeleidsmaatregelen van de Menzis- en UVIT-groepen zijn niet onrechtmatig. De vorderingen worden afgewezen en eiseressen worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van de leveranciers generieke geneesmiddelen tegen de zorgverzekeraars worden afgewezen wegens ontbreken van contractuele of onrechtmatige daadelijke gebondenheid aan het Transitieakkoord.