ECLI:NL:RBBRE:2008:BD6019
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag parkeerbelasting wegens niet tijdige werking parkeerautomaat
Belanghebbende parkeerde op 30 november 2006 omstreeks 06.30 uur zijn auto bij het station in [woonplaats], waar betaald parkeren geldt vanaf 09.00 uur. De parkeerautomaat was echter pas vanaf 07.00 uur in werking, waardoor belanghebbende niet in staat was om de parkeerbelasting te voldoen. Ondanks een toezegging van een gemeenteambtenaar dat er geen naheffingsaanslagen zouden worden opgelegd tijdens het onderzoek, kreeg belanghebbende een naheffingsaanslag van €0,60 plus €45 aan kosten opgelegd.
De rechtbank oordeelt dat de gemeente verplicht is om parkeerders in staat te stellen aan hun betalingsverplichtingen te voldoen door de parkeerapparatuur tijdig in werking te stellen. Het niet in werking stellen van de automaat vóór 07.00 uur, terwijl de eerste treinen al om 06.15 uur vertrekken, ontneemt deze mogelijkheid. De naheffingsaanslag wordt daarom verminderd tot het bedrag van de parkeerbelasting zelf, en de bijkomende kosten worden vernietigd.
Belanghebbende was niet op de zitting verschenen, maar de rechtbank acht de uitnodigingen rechtsgeldig. De rechtbank wijst erop dat de parkeerbelasting verschuldigd is vanaf het begin van het parkeren, maar dat de gemeente ook moet zorgen voor een werkende betaalmogelijkheid. De naheffingsaanslag wordt dus deels in stand gelaten, maar de kosten niet. De uitspraak is gedaan door drie rechters en griffier en kan binnen zes weken worden aangevochten door hoger beroep.
Uitkomst: De naheffingsaanslag parkeerbelasting wordt verminderd tot €0,60 en de bijkomende kosten van €45 worden vernietigd.