ECLI:NL:RBBRE:2008:BE8891
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift te laat ingediend tegen naheffingsaanslag BPM, maar inspecteur informeert onvoldoende over teruggaafregeling
Belanghebbende ontving een naheffingsaanslag BPM omdat hij met een auto met Frans kenteken op de Nederlandse weg reed zonder dat BPM was voldaan. Het bezwaar tegen deze aanslag werd te laat ingediend en daarom terecht niet-ontvankelijk verklaard door de rechtbank. De termijnoverschrijding werd veroorzaakt door een onjuiste adressering van het bezwaarschrift.
Tijdens de zitting bleek dat de inspecteur belanghebbende niet had gewezen op de mogelijkheid om BPM terug te vragen bij uitvoer van de auto uit Nederland, zoals geregeld in artikel 14a van de Wet BPM. De rechtbank oordeelde dat dit een onbehoorlijke informatieverstrekking is en wees belanghebbende alsnog op deze mogelijkheid.
De rechtbank benadrukte dat de teruggaafregeling geldt indien de auto niet langer feitelijk ter beschikking staat van de inwoner van Nederland of als de auto weer buiten Nederland is gebracht. Belanghebbende had verklaard dat de auto in Frankrijk was gestolen en dat hij zelf ook in Frankrijk woonde, wat de teruggaafmogelijkheid in principe openlaat.
De rechtbank zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en wees partijen op de mogelijkheid tot hoger beroep binnen zes weken bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch.
Uitkomst: Het bezwaarschrift is terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening, maar belanghebbende wordt gewezen op de mogelijkheid tot teruggaaf van BPM bij uitvoer van de auto uit Nederland.