ECLI:NL:RBBRE:2008:BF7406

Rechtbank Breda

Datum uitspraak
8 oktober 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
177701 HA ZA 07-1202
Instantie
Rechtbank Breda
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • Meyboom
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 23 EEX-VerordeningArt. 6 EEX-VerordeningArt. 13 EEX-VerordeningArt. 17 EEX-VerordeningArt. 21 EEX-Verordening
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rechtbank Breda verklaart zich onbevoegd wegens geldige forumkeuze in agentuurovereenkomst

In deze zaak riep een Nederlandse agent, Mikas BV, een Spaanse principaal, Prodema S.A., in vrijwaring op. Prodema beriep zich op een forumkeuzebeding in hun agentuurovereenkomst dat de rechtbank van San Sebastian als bevoegde rechter aanwijst. Mikas stelde dat dit beding nietig is op grond van de Spaanse agentuurwet en dat de Nederlandse rechter bevoegd is volgens artikel 6 EEX Pro-Verordening.

De rechtbank oordeelde dat de geldigheidsvereisten van forumkeuzebedingen autonoom worden geregeld in artikel 23 van Pro de EEX-Verordening en dat nationale wetgeving, zoals de Spaanse agentuurwet, daaraan niet kan afdoen. Het forumkeuzebeding was expliciet overeengekomen na onderhandeling en daarmee geldig. De rechtbank verwierp het verweer van Mikas dat het geschil niet onder het beding valt en dat er sprake is van tegenstrijdigheid in de forumkeuze.

De rechtbank verklaarde zich daarom onbevoegd om kennis te nemen van de vordering, omdat het aangewezen gerecht exclusief bevoegd is. Artikel 23 EEX Pro-Verordening prevaleert boven artikel 6 EEX Pro-Verordening, ook in vrijwaringzaken. Mikas werd veroordeeld in de kosten van het incident.

Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd vanwege een geldige forumkeuzeclausule die prevaleert boven nationale wetgeving en artikel 6 EEX-Verordening.

Uitspraak

vonnis
RECHTBANK BREDA
Sector civiel recht
Team handelsrecht
zaaknummer / rolnummer: 177701 / HA ZA 07-1202
Vonnis in incident van 8 oktober 2008
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
MIKAS BV,
gevestigd te Breda,
eiseres in de hoofdzaak (vrijwaring),
verweerster in het onbevoegdheidsincident,
advocaat mr. J.A.M. Smeekens,
tegen
de rechtspersoon naar buitenlands recht PRODEMA S.A.,
gevestigd te Legoretta Gipuzkoa (Spanje),
gedaagde in de hoofdzaak (vrijwaring),
eiseres in het onbevoegdheidsincident,
advocaat mr. H.M.J. Simonis.
Partijen zullen hierna Mikas en Prodema genoemd worden.
1. De procedure
1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis in het incident van 2 april 2008
- de conclusie van repliek in het incident
- de conclusie van dupliek in het incident, met één productie.
1.2. Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.
2. De beoordeling in het incident
2.1. Bij voornoemd tussenvonnis heeft de rechtbank Prodema in de gelegenheid gesteld om bij conclusie van repliek in het incident te reageren op het verweer van Mikas betreffende de nietigheid van het forumkeuzebeding wegens strijd met de Spaanse agentuurwet van 27 mei 1992.
2.2. Prodema erkent dat de Spaanse agentuurwet door partijen van toepassing is verklaard op de door hen gesloten agentuurovereenkomst. Zij stelt zich echter op het standpunt dat de Verordening (EG) nr. 44/2001 van de Raad van 22 december 2000 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (verder te noemen: EEX-Vo) niet door de nationale Spaanse wetgeving opzij kan worden gezet. Aangezien het forumkeuzebeding voldoet aan de door de EEX-Vo in artikel 23 gestelde Pro eisen en niet in strijd is met de exclusieve bevoegdheidsgronden van de artikelen 13, 17, 21 en 22 EEX-Vo, is sprake van een geldige forumkeuze, aldus Prodema. Daarnaast voert Prodema aan dat de Spaanse agentuurwet niet van toepassing is op internationale overeenkomsten, waarbij één van partijen buiten Spanje gevestigd is. Bovendien hebben partijen bij hun keuze voor het Spaanse recht de bedoeling gehad dat deze keuze slechts op het materiële Spaanse recht betrekking had en niet ook op formele aspecten. Partijen hebben immers een afwijkende keuze gemaakt omtrent de bevoegde rechter. Daarnaast stelt Prodema zich op het standpunt dat uit de jurisprudentie blijkt dat geen beroep kan worden gedaan op artikel 6 EEX Pro-Vo, dat ziet op de oproeping in vrijwaringzaken, in het geval een forumkeuzebeding een andere rechter aanwijst. Ten slotte voert Prodema aan dat partijen het forumkeuzebeding na onderhandeling expliciet zijn overeengekomen en dat het beroep van Mikas op de nietigheid van het forumkeuzebeding naar redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar moet worden geacht.
2.3. Mikas stelt zich op het standpunt dat het forumkeuzebeding niet ziet op het onderhavige geschil tussen partijen, omdat tussen hen geen geschil bestaat omtrent de interpretatie van de bepalingen van de agentuurovereenkomst, maar omtrent de vraag of Mikas binnen de grenzen van de haar uit hoofde van de overeenkomst toegekende bevoegdheden is gebleven. Daarnaast voert Mikas aan dat er geen sprake is van een geldige forumkeuze, omdat de overeenkomst twee verschillende gerechten aanwijst als bevoegd forum. Immers, partijen wijzen de rechtbank van San Sebastian aan, terwijl zij tevens expliciet de Spaanse agentuurwet van toepassing verklaren, die vervolgens de rechtbank Breda als bevoegde rechter aanwijst. Nu er sprake is van tegenstrijdigheid binnen de contractuele afspraken, kan niet worden gesproken van een eenduidige, geldige forumkeuze conform artikel 23 EEX Pro-Vo. Bij het ontbreken van een forumkeuze, geldt dat de rechtbank Breda bevoegd is, gelet op artikel 6 EEX Pro-Vo, aldus Mikas. Onbevoegdheid van de Nederlandse rechter in deze vrijwaringzaak is volgens Mikas bovendien in strijd met de toezegging van Prodema dat zij Mikas zal vrijwaren, de wederzijdse belangen van partijen bij het (niet) procederen in Spanje en de redelijkheid en billijkheid, aangezien in de hoofdzaak wel door de Nederlandse rechter zal worden beslist.
2.4. Aangezien de EEX-Vo verbindend is en rechtstreeks toepasselijk is in de lidstaten van de Europese Unie en Nederland en Spanje beide lidstaat zijn van de Europese Unie, dient de rechterlijke bevoegdheid beoordeeld te worden op basis van deze verordening. De vraag of in dit geval een forumkeuzeclausule tussen partijen is gaan gelden, dient te worden beantwoord aan de hand van het bepaalde in artikel 23 EEX Pro-Vo.
2.5. Ten aanzien van de stelling van Mikas dat de forumkeuze van partijen nietig is op grond van de Spaanse agentuurwet, is allereerst van belang dat de geldigheidsvereisten in artikel 23 EEX Pro-Vo autonoom en uitputtend worden geregeld. Zoals blijkt uit de uitspraken van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen van 24 juni 1981 (NJ 1981, 546) en 10 maart 1992 (NJ 1996, 279), mogen aan de forumkeuze geen nadere of andere vereisten, ontleend aan de nationale wetgeving van de lidstaten, worden gesteld en moet het begrip “overeenkomst tot aanwijzing van een bevoegde rechter” als een autonoom begrip worden beschouwd. De doelstelling van artikel 23 EEX Pro-Vo is immers om partijen de mogelijkheid te bieden om bij overeenkomst voor een gerecht te kiezen, dat zonder die keuze normaal niet bevoegd zou zijn, welke keuze door de rechterlijke instanties van alle verdragsluitende staten moet worden geëerbiedigd. Dit brengt naar het oordeel van de rechtbank met zich mee dat bij de beantwoording van de vraag of er sprake is van een geldig forumkeuzebeding geen acht dient te worden geslagen op de nationale wetgeving die op de overeenkomst van toepassing is. Het beroep van Mikas op de nietigheid van de forumkeuze op grond van de Spaanse agentuurwet zal derhalve worden verworpen.
2.6. Artikel 22 van Pro de tussen partijen gesloten agentuurovereenkomst bepaalt onder meer het volgende: “The parties, renouncing their own privilege, declare the Judges and Courts of San Sebastian (Spain) competent tot resolve any dispute arising from a difference in the interpretation of the clauses included in the present contract.” Mikas stelt zich op het standpunt dat het onderhavige geschil tussen partijen niet ziet op de interpretatie van de bepalingen van het tussen hen gesloten contract, maar op de vraag of Mikas binnen de haar op grond van de overeenkomst toegekende bevoegdheden is gebleven, zodat de forumkeuze niet ziet op het onderhavige geschil.
2.7. Naar het oordeel van de rechtbank is op voorhand niet te beoordelen of bij de beslechting van het geschil tussen partijen interpretatie van de contractsbepalingen noodzakelijk zal zijn. Niet is uitgesloten te achten dat bij de beantwoording van de vraag of Mikas binnen de haar toegekende bevoegdheden is gebleven ook uitleg van de overeenkomst een rol zal spelen. Nu uit hetgeen Mikas heeft aangevoerd niet anders blijkt, heeft zij naar het oordeel van de rechtbank het uit het beroep van Prodema op het beding voortvloeiende stelling dat het beding betrekking heeft op het onderhavige geschil, onvoldoende gemotiveerd bestreden. Aan dit verweer van Mikas zal dan ook voorbij worden gegaan.
2.8. De rechtbank verwerpt eveneens het standpunt van Mikas dat de forumkeuze van partijen tegenstrijdig, niet eenduidig en derhalve niet geldig is, omdat artikel 22 van Pro de overeenkomst een ander forum aanwijst dan het forum dat de van toepassing verklaarde Spaanse agentuurwet aanwijst. Prodema heeft onbetwist gesteld dat het forumkeuzebeding in artikel 22 tot Pro stand is gekomen na onderhandeling, zodat het als een bewuste keuze van partijen kan worden aangemerkt. Naar het oordeel van de rechtbank dient deze expliciet door partijen gemaakte keuze te prevaleren boven de forumkeuze die voortvloeit uit het van toepassing verklaren van de Spaanse agentuurwet. Daarbij sluit de rechtbank niet uit dat partijen bij laatstgenoemde keuze zich niet bewust zijn geweest van de aanwijzing van de rechterlijke bevoegdheid in de “Disposicion Adicional” in de Spaanse agentuurwet.
2.9. Ten slotte is aan de orde de stelling van Mikas dat gelet op de toezeggingen van Prodema tot vrijwaring, de belangen van partijen bij het procederen bij de Spaanse rechter en de redelijkheid en billijkheid, de rechtbank deze zaak, nu het een vrijwaring betreft, aan zich dient te houden.
2.10. Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen komt de rechtbank tot de conclusie dat sprake is van een forumkeuze die voldoet aan de door artikel 23 EEX Pro-Vo gestelde eisen. Dit brengt mee dat het aangewezen gerecht bij uitsluiting van gerechten van andere lidstaten bevoegd is om van het geschil kennis te nemen. Artikel 23 EEX Pro-Vo laat geen ruimte voor toetsing van de belangen van partijen bij de keuze van het forum, terwijl bovendien artikel 23 EEX Pro-Vo prevaleert boven artikel 6 EEX Pro-Vo, zodat de onder 2.9. genoemde stelling van Mikas moet worden gepasseerd. Daarbij merkt de rechtbank op dat artikel 28 EEX Pro-Vo aan de Spaanse rechter de mogelijkheid biedt om de uitspraak aan te houden in afwachting van de uitspraak in de in Nederland aanhangige hoofdzaak.
2.11. Mikas zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten van het incident worden veroordeeld.
3. De beslissing
De rechtbank
in het incident
3.1. verklaart zich onbevoegd van de vordering in de hoofdzaak kennis te nemen,
3.2. veroordeelt Mikas in de kosten van het incident, aan de zijde van Prodema tot op heden begroot op EUR 384,00.
Dit vonnis is gewezen door mr. Meyboom en in het openbaar uitgesproken op 8 oktober 2008.