ECLI:NL:RBBRE:2008:BG1901
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.H.C. Blommers
- A.F.M.Q. Beukers-van Dooren
- C.A.F.M. Stassen
- Rechtspraak.nl
Rechtbank bevestigt toepassing overgang algemeenheid van goederen bij doorstart en weigert aftrek omzetbelasting
Belanghebbende heeft uit de boedel van een failliet transportbedrijf diverse activa, waaronder vier motorvoertuigen, kantoor- en bedrijfsinventaris en personeel, overgenomen. De rechtbank beoordeelt of deze transacties moeten worden aangemerkt als de overgang van een algemeenheid van goederen volgens artikel 31 van Pro de Wet omzetbelasting 1968 en artikel 5, achtste lid, van de Zesde richtlijn.
Uit de feiten blijkt dat partijen van meet af aan hebben samengewerkt en de bedoeling was om een geheel aan zaken over te dragen dat geschikt was voor een doorstart van de onderneming. De rechtbank concludeert dat het geheel van transacties als één overgang van een algemeenheid van goederen moet worden gezien, ook al werden sommige voertuigen eerst aan een derde geleverd en later aan belanghebbende doorgeleverd.
De omzetbelasting is ten onrechte in rekening gebracht omdat bij een overgang van een algemeenheid van goederen geen omzetbelasting verschuldigd is. De facturen voldeden niet aan de wettelijke eisen, waardoor de belasting niet aftrekbaar is. Belanghebbende heeft bovendien niet de nodige zorgvuldigheid betracht en bewust het risico genomen dat ten onrechte omzetbelasting werd gefactureerd, zodat de vooraftrek terecht is geweigerd.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslag omzetbelasting. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslag omzetbelasting wegens ten onrechte in rekening gebrachte omzetbelasting bij de doorstart.