ECLI:NL:RBBRE:2008:BG2075
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging navorderingsaanslag vennootschapsbelasting wegens ambtelijk verzuim en ontbreken nieuw feit
Belanghebbende diende elektronisch een aangifte vennootschapsbelasting in over het jaar 2004. De belastingdienst ontving deze aangifte, maar door een fout in het computersysteem bleef de aangifte in een elektronisch voorportaal hangen en werd deze niet verwerkt. De inspecteur legde daarom eerst een primitieve aanslag op naar een lager bedrag en vervolgens een navorderingsaanslag.
De rechtbank oordeelde dat de elektronische aangifte wel degelijk was ontvangen en geaccepteerd, zodat er geen nieuw feit was dat navordering rechtvaardigde. Het feit dat de inspecteur pas later van de aangifte op de hoogte was, was een ambtelijk verzuim. Daarnaast was er geen sprake van kwade trouw van belanghebbende, omdat niet aannemelijk was dat zij bewust een onjuist tijdvak had ingevuld om de inspecteur te misleiden.
Ook was er geen sprake van een kenbare administratieve vergissing van de inspecteur, omdat er geen discrepantie bestond tussen wat de inspecteur wilde en wat in het aanslagbiljet stond. De navorderingsaanslag werd daarom vernietigd en de inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De navorderingsaanslag vennootschapsbelasting wordt vernietigd wegens ontbreken van een nieuw feit en geen kwade trouw van belanghebbende.