ECLI:NL:RBBRE:2008:BK8540
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging naheffingsaanslag fosfaatheffing wegens onvoldoende onderbouwing
Belanghebbenden hebben voor het jaar 2005 een verfijnde MINAS-aangifte gedaan, waarvoor de inspecteur een naheffingsaanslag fosfaatheffing van €30.105 oplegde. Belanghebbenden maakten bezwaar en stelden dat de aanslag onterecht was omdat niet duidelijk was gemaakt hoe het overgenomen fosfaatsaldo was verwerkt.
De rechtbank oordeelt dat de inspecteur met een brief van 25 maart 2005 voldoende heeft toegelicht hoe het overgenomen fosfaatsaldo in de aangifte is verwerkt. Belanghebbenden hebben deze brief waarschijnlijk ontvangen, maar over het hoofd gezien, waardoor hun stelling faalt.
Echter, de inspecteur kon niet aannemelijk maken waarom er wel fosfaatheffing werd opgelegd maar geen stikstofheffing, terwijl deze mineralen onlosmakelijk verbonden zijn. Hierdoor is de naheffingsaanslag fosfaatheffing niet juist vastgesteld en wordt deze vernietigd.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de uitspraak op bezwaar en de naheffingsaanslag, en veroordeelt de inspecteur in de proceskosten van €644 en het griffierecht van €285 ten gunste van belanghebbenden.
Uitkomst: De naheffingsaanslag fosfaatheffing wordt vernietigd wegens onvoldoende onderbouwing en de inspecteur wordt veroordeeld in proceskosten.