ECLI:NL:RBBRE:2009:BH3574
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing studiefinanciering en terugvordering te veel ontvangen toelage
Eiseres vroeg studiefinanciering aan met een inschrijfdatum van 6 januari 2008, terwijl de opleiding feitelijk pas in september 2008 begon. Verweerster kende studiefinanciering toe vanaf april 2008, maar verklaarde later dat dit onterecht was omdat eiseres niet daadwerkelijk onderwijs volgde en nog geen 18 jaar was. Tevens ontstond een schuld wegens een onterecht toegekende OV-studentenkaart.
Eiseres maakte bezwaar tegen de terugvordering en stelde dat de aanvraagformulieren tot verwarring leidden en dat zij de OV-kaart niet gebruikte. De rechtbank oordeelde dat de wet duidelijk voorschrijft dat studiefinanciering pas ingaat vanaf de eerste dag van het kwartaal waarin daadwerkelijk onderwijs wordt gevolgd en dat de inschrijving alleen niet voldoende is.
De rechtbank wees het beroep af, omdat eiseres wist of redelijkerwijs kon weten dat de toekenning onjuist was en dat terugvordering daarom terecht is. De rechtbank wees ook op de mogelijkheid van een hardheidsclausule, maar vond dat geen bijzondere omstandigheden waren om hiervan gebruik te maken. Het griffierecht werd aan eiseres vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van te veel ontvangen studiefinanciering en OV-kaart bevestigd.