ECLI:NL:RBBRE:2009:BH6830
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.F.M.Q. Beukers-van Dooren
- A.A. den Hartog
- C.A.F.M. Stassen
- Rechtspraak.nl
Geen teruggaaf Nederlandse accijns voor naar Duitsland overgebrachte dieselolie
Belanghebbende, een Duits bedrijf gespecialiseerd in sloopwerkzaamheden, heeft dieselolie in Nederland afgenomen en deze in mobiele tanks naar bouwplaatsen in Duitsland vervoerd. De Duitse Douane heeft accijns nageheven, terwijl de Nederlandse Douane de teruggaaf van Nederlandse accijns weigerde omdat niet voldaan was aan de wettelijke voorwaarden.
De rechtbank onderzocht of de Europese accijnsrichtlijn directe werking heeft en of deze onjuist is geïmplementeerd in de Nederlandse Wet op de accijns. Tevens werd beoordeeld of belanghebbende recht heeft op teruggaaf vanwege dubbele heffing en op grond van algemene bestuursrechtelijke beginselen zoals gelijkheid en evenredigheid.
De rechtbank oordeelde dat belanghebbende niet aan de voorwaarden van de Wet op de accijns heeft voldaan, met name het vooraf indienen van een verzoek om teruggaaf en het doen van aangifte in Duitsland. Ook onder de richtlijn was teruggaaf alleen mogelijk bij naleving van deze voorwaarden. Verder werd geoordeeld dat het niet tijdig indienen van het verzoek niet onevenredig is en dat het gelijkheidsbeginsel niet is geschonden door verschillen in implementatie tussen Nederland en Duitsland.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de beslissing van de inspecteur tot weigering van teruggaaf bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de weigering van teruggaaf van Nederlandse accijns is ongegrond verklaard.