ECLI:NL:RBBRE:2009:BH6870
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- D. Hund
- W. Brouwer
- R.W. Otto
- Rechtspraak.nl
Geen aftrekbaarheid van NMA-boete bij vennootschapsbelasting
Belanghebbende, een vennootschap, kreeg een boete van €24.000.000 opgelegd door de Nederlandse Mededingingsautoriteit wegens overtreding van de Mededingingswet. De kern van het geschil was of deze boete geheel of gedeeltelijk aftrekbaar was bij de vennootschapsbelasting door het vormen van een voorziening.
De rechtbank stelde vast dat de boete niet aftrekbaar is op grond van artikel 3.14 van de Wet inkomstenbelasting 2001, dat expliciet boetes opgelegd ingevolge de Mededingingswet uitsluit van aftrek. Belanghebbende stelde dat de boete vergelijkbaar was met een EG-kartelboete die deels voordeelontnemend kan zijn en dus aftrekbaar, maar de rechtbank verwierp dit argument.
De rechtbank benadrukte dat de boete niet gesplitst kan worden in een bestraffend en een voordeelontnemend deel en dat het karakter van de boete volledig bestraffend is. Ook het feit dat de boetegrondslag is gekoppeld aan de betrokken omzet verandert hier niets aan. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de NMA-boete niet aftrekbaar is bij de vennootschapsbelasting.