ECLI:NL:RBBRE:2009:BI0461
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen recht op lijfrenteaftrek bij overdracht stilgelegd melkveebedrijf zonder zelfstandig ondernemingsdeel
Belanghebbende en haar echtgenoot oefenden van 1993 tot 1999 een agrarische onderneming uit, bestaande uit melkveehouderij, varkensmesterij en akkerbouw. In 1998 werd het melkquotum verkocht, waarna het melkveebedrijf tijdelijk stilgelegd werd en een vervangingsreserve werd gevormd.
In 2000 richtten zij een BV op die toetrad tot de maatschap en waarbij belanghebbende haar aandeel in de onderneming overdroeg, die toen bestond uit een stilgelegd melkveebedrijf, veehouderij en akkerbouw. De rechtbank oordeelde dat het stilgelegde melkveebedrijf geen zelfstandig onderdeel van de onderneming vormde vanwege het ontbreken van melkquotum en melkvee.
Belanghebbende had een lijfrenteovereenkomst met de BV gesloten en bracht een lijfrentepremie in aftrek. De inspecteur wees dit af omdat geen sprake was van overdracht van een zelfstandig ondernemingsdeel. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees de lijfrenteaftrek af.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende is ongegrond verklaard en de lijfrenteaftrek is afgewezen.