ECLI:NL:RBBRE:2009:BJ4714
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank Breda vernietigt niet-ontvankelijkverklaring bezwaar boetebeschikking wegens gebrekkige bekendmaking
Belanghebbende diende bezwaar in tegen een aanslag inkomstenbelasting en een gelijktijdig opgelegde boetebeschikking over het jaar 2002. De inspecteur verklaarde beide bezwaren niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de bezwaartermijn. De rechtbank oordeelt dat het bezwaar tegen de aanslag terecht niet-ontvankelijk is omdat het te laat werd ingediend.
Echter, de boetebeschikking was alleen aan de curator van belanghebbende bekendgemaakt en niet aan belanghebbende zelf. Dit is in strijd met het recht op een eerlijk proces zoals neergelegd in artikel 6 EVRM Pro, omdat belanghebbende niet tijdig op de hoogte werd gesteld van de boete en daardoor haar recht op verdediging werd ontnomen.
De rechtbank vernietigt daarom de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen de boetebeschikking en verklaart dit bezwaar ontvankelijk. De inspecteur wordt opgedragen opnieuw op dit bezwaar te beslissen. Het beroep tegen de aanslag blijft ongegrond. De rechtbank gelast tevens vergoeding van het betaalde griffierecht aan belanghebbende.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de boetebeschikking is ontvankelijk verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring vernietigd; het bezwaar tegen de aanslag is niet-ontvankelijk.