ECLI:NL:RBBRE:2009:BJ5021

Rechtbank Breda

Datum uitspraak
30 juli 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
551085 mb 09-129
Instantie
Rechtbank Breda
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging beslissing officier van justitie wegens onvoldoende onderzoek en schending hoor en wederhoor

Betrokkene werd bekeurd voor een verkeersovertreding waarbij zijn auto op kenteken was geregistreerd. Hij voerde aan dat zijn auto op het tijdstip van de overtreding niet op de plaats van het vermeende feit kon zijn geweest en overlegde diverse documenten ter onderbouwing, waaronder een werkrooster, tellijsten van de buurtbus, een afsprakenboekje en een reiskostendeclaratie.

De kantonrechter oordeelde dat er onvoldoende grond was om aan te nemen dat betrokkene de overtreding had begaan. Tevens was betrokkene in zijn beroepschrift expliciet verzocht te worden gehoord, maar hierop had de officier van justitie niet gereageerd. Door het nalaten van nader onderzoek en het niet bieden van een hoorzitting werd betrokkene niet in staat gesteld zich adequaat te verdedigen.

Dit handelen van de officier van justitie werd als onzorgvuldig beoordeeld en in strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Gezien deze tekortkomingen werd de beslissing van de officier van justitie vernietigd en werd de zekerheid die betrokkene had gesteld terugbetaald.

De uitspraak benadrukt het belang van hoor en wederhoor en zorgvuldig onderzoek door het Openbaar Ministerie bij administratieve verkeerszaken om de rechten van betrokkenen te waarborgen.

Uitkomst: De beslissing van de officier van justitie wordt vernietigd wegens onvoldoende onderzoek en schending van het recht op hoor en wederhoor.

Uitspraak

RECHTBANK BREDA
Sector kanton
Locatie Bergen op Zoom
zaaknummer : 551085 MB VERZ 09-129
CJIB-nummer: [nummer]
uitspraak: 30 juli 2009
Op de in het openbaar gehouden zitting van 30 juli 2009 is mr. W.E.M. Verjans, kantonrechter, bijgestaan door J.C.M. Franken als griffier, overgegaan tot de mondelinge behandeling van het beroep dat is ingesteld tegen de beslissing van de officier van justitie met bovengenoemd CJIB-nummer. Het beroepschrift is ingediend door:
naam: : [betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats],
nader ook te noemen “betrokkene”.
Betrokkene is ter zitting verschenen in persoon.
Namens de officier van justitie is verschenen mw. L. Boereboom, werkzaam bij het CVOM.
Van het verhandelde ter zitting is door de griffier aantekening gehouden, welke aantekeningen worden geacht deel uit te maken van dit proces-verbaal.
Betrokkene heeft beroep ingesteld en daartoe aangevoerd hetgeen in het beroepschrift - dat zich bij de stukken van het geding bevindt - is vermeld. Ter zitting heeft betrokkene het werkrooster van de pleegdatum, de tellijsten van de buurtbus waarop hij reed, een kopie uit zijn afsprakenboekje en een reiskostendeclaratie, waarop de pleegdatum is vermeld, overgelegd.
De officier van justitie heeft meegedeeld de beslissing waarvan beroep is ingesteld, alsmede de verwerping van de bezwaren van betrokkene, te handhaven.
1. De beoordeling
De kantonrechter heeft op grond van de navolgende overwegingen een beslissing genomen, welke beslissing is uitgesproken ter openbare terechtzitting.
Het beroep is ontvankelijk omdat het tijdig is ingesteld en er zekerheid is gesteld voor de betaling van de sanctie.
De door of namens betrokkene aangevoerde omstandigheden, ondersteund door de overgelegde documenten, leiden tot het oordeel dat onvoldoende grond bestaat er van uit te gaan dat betrokkene de verweten gedraging heeft begaan.
Volgens betrokkene moet de verbalisant een beoordelingsfout hebben gemaakt. De betrokkene heeft in zijn beroepsschrift nadrukkelijk vermeld dat hij wenste te worden gehoord. Hierop is in het geheel niet gereageerd.
Bovendien is de officier van justitie in zijn beslissing, door de geschetste omstandigheden niet nader te onderzoeken, onzorgvuldig geweest in de afhandeling van het beroep van betrokkene, hetgeen in strijd is met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
In aanmerking genomen de hiervoor vermelde gang van zaken, alsmede het feit dat betrokkene niet de gelegenheid is geboden zijn vragen in een hoorzitting van de officier van justitie aan de orde te stellen, wordt geoordeeld dat betrokkene niet in voldoende mate in de gelegenheid is gesteld zich te verdedigen. Daarom kan er niet van worden uitgegaan dat de betrokkene door de vermelde verzuimen niet in zijn belangen is geschaad. De beslissing van de officier van justitie kan reeds op die grond niet in stand blijven.
Op grond van het voorgaande zal het beroep gegrond worden verklaard en de bestreden beslissing worden vernietigd.
De gestelde zekerheid dient aan betrokkene te worden terugbetaald als hierna bepaald.
2. De beslissing
De kantonrechter:
verklaart het beroep gegrond;
vernietigt de bestreden beslissing van de officier van justitie;
draagt de officier van justitie op het bedrag dat aan zekerheid is gesteld aan betrokkene terug te betalen.
Waarvan proces-verbaal,
De griffier, De kantonrechter,
Bent u het met de beslissing op uw beroep niet eens, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof te Leeuwarden, doch alleen indien:
a. de bij deze beslissing opgelegde administratieve sanctie meer dan € 70,00 bedraagt, of
b. het beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat de zekerheid niet (tijdig) is gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Breda, sector kanton, locatie Bergen op Zoom, Postbus 118, 4600 AC Bergen op Zoom en dient door degene die bij de sector kanton beroep heeft ingesteld of door zijn gemachtigde te zijn ondertekend.
U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij in het beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting wordt gevraagd waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.
Datum toezending beslissing: