ECLI:NL:RBBRE:2009:BJ6491
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-verzekeringsplicht dga wegens ontbreken gezagsverhouding bij gelijkwaardige bestuurders
Belanghebbende, een onderneming die meteorologische verwachtingen verstrekt, werd geconfronteerd met een naheffingsaanslag loonheffingen en een boete wegens vermeende verzekeringsplicht voor een dga. De rechtbank oordeelde dat het beroep tegen de naheffingsaanslag niet-ontvankelijk was vanwege te late indiening, maar het beroep tegen de boete wel ontvankelijk.
De kern van het geschil betrof de vraag of de dga, die via een persoonlijke holding een minderheidsbelang heeft en werkzaamheden verricht, verplicht verzekerd is voor de premies werknemersverzekeringen. De rechtbank stelde vast dat er geen gezagsverhouding bestaat tussen belanghebbende en de dga, mede omdat beide bestuurders de onderneming gelijkwaardig exploiteren en volledig zelfstandig hun werkzaamheden verrichten.
De rechtbank baseerde zich op feiten en omstandigheden, waaronder de aandelenverdeling die was gewijzigd naar 50%-50% en eerdere jurisprudentie. Hierdoor was er geen sprake van een privaatrechtelijke dienstbetrekking en dus geen verzekeringsplicht. De naheffingsaanslag bleef in stand vanwege niet-ontvankelijkheid, maar de boete werd vernietigd. Tevens werd de inspecteur veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag is niet-ontvankelijk, het beroep tegen de boete is gegrond verklaard en de boetebeschikking vernietigd.