ECLI:NL:RBBRE:2009:BJ7621
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- mr. Hopmans
- mr. Van Kralingen
- mr. Kneepkens
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak vernieling en veroordeling bedreiging met buigijzer in echtscheidingsconflict
Verdachte werd beschuldigd van bedreiging en vernieling jegens zijn echtgenote tijdens een echtscheidingsprocedure. De rechtbank oordeelde dat de vervolging voor vernieling was uitgesloten omdat verdachte ten tijde van het feit niet van tafel en bed of goederen was gescheiden van zijn echtgenote, waardoor de vervolging op grond van artikel 353 juncto Pro 316 Sr niet ontvankelijk was.
De bedreiging met een buigijzer werd echter wel bewezen verklaard op basis van de bekennende verklaring van verdachte en de aangifte van het slachtoffer. Verdachte toonde dreigend het buigijzer en sloeg ermee krachtig tegen de gevel van de woning, waarbij hij dreigende woorden uitsprak.
De rechtbank sprak verdachte vrij van overige tenlastegelegde feiten en oordeelde dat er geen omstandigheden waren die strafbaarheid uitsloten. Gezien het oprechte berouw van verdachte en de ernst van het feit legde de rechtbank een voorwaardelijke werkstraf van 40 uur met een proeftijd van twee jaar op.
De benadeelde partij vorderde immateriële en materiële schadevergoeding. De rechtbank kende een gematigde immateriële schadevergoeding van €250 toe en verklaarde de benadeelde partij niet-ontvankelijk voor de materiële schade, die bij de burgerlijke rechter kan worden gevorderd.
De werkstraf wordt niet ten uitvoer gelegd tenzij verdachte binnen de proeftijd opnieuw een strafbaar feit pleegt. Bij niet-betaling van de schadevergoeding geldt een vervangende hechtenis van vijf dagen.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot een voorwaardelijke werkstraf van 40 uur voor bedreiging en vrijgesproken van vernieling wegens niet-ontvankelijkheid van de vervolging.