ECLI:NL:RBBRE:2009:BJ8869
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.F.M.Q. Beukers- van Dooren
- M.L. Weerkamp
- I.J.F.A. van Vijfeijken
- Rechtspraak.nl
Vernietiging navorderingsaanslag schenkingsrecht wegens onduidelijkheid schenkingstijdstip
Belanghebbende, die samenwoonde met een inmiddels overleden drugscrimineel, werd geconfronteerd met navorderingsaanslagen schenkingsrecht over meerdere jaren, waaronder 1991. De inspecteur stelde dat belanghebbende in 1991 grond had verkregen via een schenking van haar partner, [Y]. Belanghebbende ontkende schenkingen en verwees naar haar beperkte informatievoorziening vanwege beslagleggingen en andere omstandigheden.
De rechtbank oordeelde dat belanghebbende niet volledig had voldaan aan haar informatieplicht ex artikel 47 AWR Pro, waardoor de bewijslast werd omgekeerd. Er was echter onvoldoende bewijs om vast te stellen dat de schenking in 1991 had plaatsgevonden. Belanghebbende had verklaard de grond en zeggenschap over aandelen in een vennootschap midden jaren 90 te hebben verkregen, wat door verklaringen van derden werd ondersteund.
Omdat het jaar van schenking essentieel is voor de heffing van schenkingsrecht en de inspecteur onredelijk uitging van 1991, vernietigde de rechtbank de navorderingsaanslag. De rechtbank wees erop dat de inspecteur had kunnen voorkomen dat er geen aanslag werd geheven door ook aanslagen over latere jaren op te leggen. Tot slot werd de inspecteur veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De navorderingsaanslag schenkingsrecht over 1991 wordt vernietigd wegens onredelijkheid van het vastgestelde jaar van schenking.