ECLI:NL:RBBRE:2009:BK1220
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank oordeelt dat Marina drijfwoning onroerend goed is voor overdrachtsbelasting
Belanghebbende verkreeg bij notariële akte een perceel grond met een Marina, een drijfwoning gebouwd op een betonnen drijflichaam, bestemd als recreatief woonschip. De inspecteur legde naheffingsaanslag overdrachtsbelasting op over de Marina. Belanghebbende stelde dat de Marina roerend was en geen overdrachtsbelasting verschuldigd was.
De rechtbank beoordeelde de zaak aan de hand van artikel 3:3 en Pro 3:4 BW en relevante jurisprudentie van de Hoge Raad. De Marina is duurzaam met de grond verenigd door bevestiging aan palen en verbindingen met de wal, ondanks dat zij drijft en verplaatsbaar is. De bedoeling van de bouwer was dat de Marina duurzaam ter plaatse blijft.
De rechtbank verwierp het verweer dat de Marina een schip is en benadrukte dat de juridische kwalificatie als onroerend goed bepalend is voor belastingheffing. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag overdrachtsbelasting blijft in stand.