ECLI:NL:RBBRE:2009:BQ8735
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D. Hund
- Rechtspraak.nl
Vernietiging navorderingsaanslag vennootschapsbelasting wegens onjuiste tenaamstelling
Belanghebbende, een BV die tot en met 2002 zelfstandig belastingplichtig was, kreeg een navorderingsaanslag vennootschapsbelasting 2002 opgelegd met een vergrijpboete. De aanslag was ten onrechte gericht aan de naam van de BV die pas vanaf 2003 bestond na een herstructurering en fiscale eenheid. De rechtbank oordeelt dat deze onjuiste tenaamstelling zodanig gebrekkig is dat de aanslag en boete vernietigd moeten worden.
De rechtbank verwijst naar een arrest van de Hoge Raad waarin is bepaald dat een onjuiste tenaamstelling in beginsel niet leidt tot belastingverplichting, tenzij de onvolkomenheid zo gering is dat geen misverstand kan bestaan over de geadresseerde. Hier is dat niet het geval, omdat de aanslag gericht is aan een belastingplichtige die in 2002 nog niet bestond.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de aanslag en boete, en veroordeelt de inspecteur tot vergoeding van de proceskosten van belanghebbende. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De navorderingsaanslag vennootschapsbelasting 2002 en vergrijpboete worden vernietigd wegens onjuiste tenaamstelling.