ECLI:NL:RBBRE:2009:BR2701
Rechtbank Breda
- Kort geding
- Van Hooff
- Rechtspraak.nl
Opheffing conservatoir beslag wegens misbruik van recht door langdurige stilzitten in schadestaatprocedure
In deze zaak vordert Malex de opheffing van conservatoir beslag dat ICCS sinds 2002 op haar heeft gelegd. ICCS had beslag gelegd op een vordering van Malex op een derde partij om zekerheid te verkrijgen voor een schadevordering. Malex stelt dat ICCS misbruik maakt van recht omdat zij ruim zeven jaar het beslag handhaaft zonder binnen redelijke termijn een schadestaatprocedure te starten.
De rechtbank stelt vast dat ICCS sinds het arrest van het Gerechtshof in 2007 geen stappen heeft ondernomen om de schadestaatprocedure te starten, ondanks verzoeken en sommaties van Malex. ICCS beroept zich op omstandigheden zoals het faillissement van een administratiekantoor, de gezondheid van haar directeur en gebrek aan liquide middelen, maar deze omstandigheden rechtvaardigen volgens de rechtbank geen stilzitten.
De rechtbank oordeelt dat het langdurig handhaven van het beslag zonder voortgang in de hoofdzaak een onredelijke vertraging oplevert en in strijd is met de eisen van een goede procesorde. Dit wordt aangemerkt als misbruik van recht. Daarom wordt het conservatoir beslag opgeheven, met een bevel aan ICCS om bij een nieuw beslag een afschrift van dit vonnis te overleggen. De vordering tot schadevergoeding wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Uitkomst: Het conservatoir beslag wordt opgeheven wegens misbruik van recht door langdurig stilzitten in schadestaatprocedure.