ECLI:NL:RBBRE:2010:BL1617
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.G.M. Wouters
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering wegens studiefinanciering partner volgens normbedrag WWB
Eiser maakte bezwaar tegen de intrekking van zijn bijstandsuitkering per 1 januari 2009, omdat de inkomsten uit studiefinanciering van zijn partner inclusief partnertoeslag en stagevergoeding hoger werden gesteld dan het toepasselijke bijstandsnormbedrag. De rechtbank stelde vast dat het normbedrag voor levensonderhoud volgens artikel 33, tweede lid, onder b, van de WWB geldt en dat dit bedrag met toepassing van artikel 39 WWB Pro periodiek wordt aangepast aan de bedragen uit de Wet studiefinanciering 2000.
De rechtbank concludeerde dat de inkomsten van de partner, bestaande uit de normbedragen en de stagevergoeding, correct in mindering zijn gebracht op de bijstandsuitkering. Hoewel eiser betwistte dat het bedrag van € 1.287,36 juist was, wees de rechtbank erop dat het normbedrag inclusief de tegenwaarde van de OV-studentenkaart als inkomen moet worden beschouwd.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht de bijstandsuitkering heeft ingetrokken omdat de inkomsten van de partner het normbedrag overschreden. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Partijen kunnen tegen deze uitspraak hoger beroep instellen bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de bijstandsuitkering bevestigd.