ECLI:NL:RBBRE:2010:BN1175
Rechtbank Breda
- Voorlopige voorziening
- Hinfelaar
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening over schoolkeuze en omgangsregeling minderjarige in afwachting bodemprocedure
In deze zaak staat de vraag centraal op welke basisschool de minderjarige het huidige schooljaar dient af te maken en hoe de voorlopige omgangsregeling tussen de minderjarige en de moeder wordt ingevuld. De vader is een bodemprocedure gestart om het hoofdverblijf van de minderjarige te wijzigen.
De moeder vordert onder meer dat de minderjarige het schooljaar afmaakt op de school in haar woonplaats, waar het kind zeveneneenhalf jaar heeft gezeten en een ondersteunend traject volgt. De vader heeft de minderjarige eenzijdig op een andere school in zijn woonplaats ingeschreven, omdat het praktisch niet haalbaar is om het kind dagelijks naar de school van de moeder te brengen en het kind contact moet hebben met leeftijdsgenoten in de buurt. De voorzieningenrechter oordeelt dat de vader voorbarig heeft gehandeld door zonder instemming van de moeder de school te wisselen, maar dat het belang van het kind vereist dat het huidige schooljaar wordt afgemaakt op de school in de woonplaats van de vader.
Ten aanzien van de omgangsregeling stellen partijen een weekend per veertien dagen voor, waarbij de voorzieningenrechter de vordering van de moeder volgt voor de aanvangs- en eindtijden. De voorzieningenrechter verwijst partijen naar mediation om tot een definitieve regeling te komen en stelt de bodemprocedure voort te zetten. De kosten van het geding worden gecompenseerd en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: De minderjarige mag het huidige schooljaar afmaken op de school in de woonplaats van de vader en er wordt een voorlopige omgangsregeling vastgesteld.